De kritiek op de DBA (de opvolger van de VAR-regeling) is zo groot geworden dat de regering heeft besloten voorlopig zeer terughoudend te zijn met het opleggen van naheffingen en boetes. Evident misbruik zal overigens zeker worden afgestraft.

Het is natuurlijk pijnlijk, dat:

  1. de beoordeling van modelovereenkomsten zoveel vertraging heeft opgelopen, en
  2. juist in sectoren waar de overheid zelf ook werkgever of co-financier (opleidingen, zorg, tolken en vertalers en media, met name televisie) is de meeste problemen worden gemeld van opdrachtgevers die bang zijn geworden om een zelfstandige in te huren.

Overigens blijft de onderliggende (loonbelasting)wetgeving onverminderd van kracht. Daar kunnen de woorden van de minister van Financiën niets aan veranderen. Belastingrecht is wettenrecht. Daarin is geen ruimte voor verzachtende omstandigheden, zoals bij het strafrecht, of ruimte voor wensen van partijen, zoals in het burgerlijk recht.

De minister kan alleen zijn ambtenaren opdragen “rustig aan te doen”. Een vreemde gang van zaken omdat bij belastingen geldt dat sprake moet zijn van een richtige heffing. Dus je kunt je werk maar op één manier doen.

Overigens bleek tijdens de ZZP-Events die de Kamer van Koophandel de afgelopen periode in het land heeft gehouden dat de ambtenaren van de belastingdienst de nieuwe regels redelijk pragmatisch benaderen. Volgens hen is er met betrekking tot de beoordeling van feitelijke situaties met de DBA niets veranderd. Dus in de meeste gevallen zal er geen probleem zijn. Aan de andere kant weten opdrachtgevers, die zich voorheen bewust achter de VAR verscholen welk risico zij lopen. In dit verband hebben we bij de KvK de “coachende” belastingdienst mogen ontmoeten, waarover de Staatssecretaris van Financiën in zijn brief van 18 november 2016 aan de Tweede Kamer rept.

VLOK-leden kunnen bij opdrachten voor zakelijke opdrachtgevers gebruik maken van de nieuwe VLOK-Uitvoeringsvoorwaarden 2016.